Een tafel in de tuin

 

De tafel waaraan ik schrijf is vies:
sporen van stof en regen,
berkentwijgjes en zelfs vogelpoep.
 
De clematis kleurt een dieper paars,
kamperfoelie bloeit uitbundig,
onwetend van de snoeischaar.
 
Voor even is alles zoals het is,
niet eens zoals het moet zijn,
daar houdt het zich niet mee bezig.
 
Al dagen zoek ik vergeefs naar woorden
die me verzoenen met het onvolmaakte,
koop woordenboeken en lees: ‘paardenbloem’.
 
Het liefst met wortel en al,
het gazon moet grassig zijn,
wat vanzelf komt is verdacht.
 
Ook mijn woorden zal ik snoeien
tot één zin zal overblijven:
een lege tafel om aan te schrijven.

 


De titel van mijn website is ontleend aan dit gedicht, één van mijn ‘darlings’ van het eerste uur. Het verscheen o.a. maart 2007 bij het interview in Meander Magazine

Bespreking van het gedicht door Karel Wasch in Boekwinkeltjes Magazine 2008-4 p14/15:

“In dit gedicht krijgen we een ogenschijnlijk nutteloze mededeling te verwerken. De schrijftafel van de dichter is vies. Maar deze mededeling zal uiterst belangrijk blijken te zijn. In zijn tuin bloeit de kamperfoelie vernemen we in de tweede strofe en het gedicht begint opeens, bijna onmerkbaar te kantelen. Diezelfde kamperfoelie van daarnet is nu opeens een wezen, dat zich ‘onbewust is van de snoeischaar’. En in de derde strofe is ‘alles’ zoals het is. En houdt het zich niet bezig met hoe het ‘zou moeten zijn’. De dichter overpeinst dus hoe dat kan, iets grofstoffelijks dat zou kunnen gaan denken en overpeinzen, terwijl hij zelf aan het mijmeren is. Hij zoekt naar woorden in een woordenboek, er staat ‘woordenboeken’, omdat er ook in een geheimzinnig onzichtbaar boek wordt gebladerd, en vindt ‘paardenbloem’. Dit onkruid zal met wortel en tak worden moeten uitgetrokken, want ‘wat vanzelf komt is verdacht’. Mooi zoals de voorlaatste strofe begint met: ‘Het liefst met wortel en tak’. Dat is verrassend. Hij wil in de laatste strofe snoeien en zal ook zijn woorden zo ‘snoeien’, dat er een essentie overblijft. Een grassig gazon, zonder onkruid. Na dit proces is zijn schrijftafel weer leeg en de cirkel is rond, een hand heeft zijn tafel gereinigd. We zijn getuige geweest van een adembenemende rondgang in het hoofd van de dichter. Inspiratie, transpiratie, overtollige woorden schrappen, het is ons nu duidelijk. Knap werk!”

In de oorspronkelijke bespreking en overname van het gedicht door Karel Wasch was de ‘n’ uit ‘paardenbloem’ weggevallen. Ik heb zijn tekst op dit punt aangepast. Niet dat ik de schrijfwijze met ‘n’ mooier vind, integendeel. In deze passage uit ik mijn irritatie over de spellingswijziging van 1996. Juist de paarde(n)bloem kreeg een hoofdrol in het maatschappelijk debat over de tussen-n. 

Reacties zijn gesloten.